Rick: “Je spijsvertering kan je slopen.”

Van de één op de andere dag veranderde Rick zijn spijsvertering van vriend naar vijand. Na een periode met veel pijn en onzekerheid is bij hem chronische alvleesklierontsteking vastgesteld. “Hoewel mijn leven door deze ziekte nu heel anders is ingedeeld, spreek ik mijzelf toe om te blijven ademhalen, te genieten en door te gaan. Ik ga me vooral niet druk maken.’

“In de zomer van 2015 kreeg ik op een nacht opeens ongelooflijke buikpijn. Ik geloof dat mijn hartslag tussen de 200/240 slagen per minuut lag. Al snel werd ik met de ambulance naar het AMC gebracht. Ze dachten dat het om een aneurysma ging dus het hele doktersteam stond al klaar in het ziekenhuis. Uiteindelijk bleek het een acute galsteenaanval te zijn.

Na ongeveer anderhalve week in het ziekenhuis te hebben gelegen, werd ik na thuiskomst het weekend daarop weer met hoge koorts opgenomen. Nu met een acute alvleesklierontsteking. Er was een ophoping in mijn alvleeskliersap dus werd er een drain in mijn buik geplaatst. Later bleek dat mijn alvleesklier gedeeltelijk aan het afsterven was waardoor deze door de ontsteking in tweeën is gesplitst. Mensen onderschatten hoe belangrijk dat orgaan voor je is, totdat het niet meer werkt.

Mijn absolute dieptepunt was tijdens de verjaardag van mijn dochter. Het ging ontzettend slecht met mij. Nog nooit had ik haar verjaardag gemist en dat zou dit jaar ook niet gaan gebeuren. Ik wilde er voor haar zijn en heb dit uiteindelijk toch voor elkaar gekregen, waarna ik niet veel later weer in het ziekenhuis belandde.

Op een gegeven moment woog ik nog maar 75 kilo, ik was ongeveer 30 kilo afgevallen en het enige wat ik voorgeschreven kon krijgen was rust en antibiotica. Ik besefte pas later hoe ziek ik eigenlijk ben geweest. Mijn ziekte is nu chronisch en mijn alvleesklier is gedeeltelijk verkalkt. Tot slot is mijn galblaas verwijderd. Ik, als actieve man, heb hier mijn leefstijl drastisch op moeten aanpassen. Voordat ik ziek werd heb ik mijn golfvaardigheidsbewijs nog gehaald, ik dartte en werkte ik graag in de tuin. Nu ben ik meestal snel moe en moet ik opletten dat ik op tijd eet en drink en voldoende rust neem.

Ik, als actieve man, heb hier mijn leefstijl drastisch op moeten aanpassen.

Mijn ziekte heeft niet alleen een impact op mijzelf. Mijn familie moest constant van Heerhugowaard naar Amsterdam reizen om me daar in het ziekenhuis te bezoeken. Mijn vrouw was degene die alles moest regelen omdat ik daar zelf niet toe in staat was. Zonder mijn familie had ik het niet gered. Mijn dochters en mijn vrouw werken alle drie in de zorg en pushten mij om te eten, ondanks het feit dat ik geen trek had. Ik weeg nu weer ongeveer 85 kilo. Mijn eten zie ik nu niet meer als iets simpels, het is mijn voedingstof. Hoewel mijn leven door deze ziekte nu heel anders is ingedeeld, spreek ik mijzelf toe om te blijven ademhalen, te genieten en door te gaan. Ik ga me vooral niet druk maken.’’

terug naar het overzicht